'Culturele veld mist kennis over het publiek'

05-03-2015

DEN HAAG (ANP) - Culturele instellingen hebben te weinig kennis over het publiek, waardoor ze vaak inkomsten mislopen en hun draagvlak kleiner is. Dat zegt de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) in het rapport 'Cultuur herwaarderen' dat donderdag is aangeboden aan minister Jet Bussemaker van Cultuur.

De WRR vindt het een verantwoordelijkheid van instellingen om aansluiting bij een publiek te zoeken, aangezien zij subsidies ontvangen. ,,Meer en beter inzicht in de culturele smaakpatronen vormen een voorwaarde om andere en vooral jongere doelgroepen aan te spreken.'' De overheid kan helpen ,,bij het ontwikkelen van nieuwe manieren om hun publiek te verbreden, te vernieuwen en het contact daarmee te verdiepen.''

Ook laat de aansluiting tussen het kunstvakonderwijs en de arbeidsmarkt nog te wensen over, meent de WRR. Een beperkt aandeel van de afgestudeerden vindt werk dat past bij de creatieve opleiding die ze hebben gevolgd. Daarnaast verdienen ze gemiddeld minder dan andere hoger opgeleiden. ,,Het is daarom goed dat bij sommige opleidingen wordt ingezet op minder studenten'', adviseert de WRR.

Creatiever

Verder stelt het adviesorgaan dat de culturele sector creatiever kan omgaan met het aantrekken van geld. ,,Naast overheidssubsidie, eigen inkomsten en giften is er ook de mogelijkheid om investeringen aan te trekken.'' Alles bij elkaar missen kunstenaars, culturele ondernemers en instellingen volgens de WRR nog te veel kansen. De adviesraad pleit dan ook voor een ,,herijking van het beleid'' van de overheid, waarbij de aandacht in de eerste plaats is gericht op het versterken van de culturele sector zelf. ,,Alleen dan kan de sector nieuwe uitdagingen het hoofd bieden.''

De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid is een onafhankelijk adviesorgaan voor de Nederlandse regering die gevraagd en ongevraagd advies uitbrengt. Voor dit nieuwe rapport is de mening gevraagd van verschillende nationale en internationale experts.

(c) ANP 2015, alle rechten voorbehouden