• Start
  • Maatschappelijk
  • In hoger beroep een jaar cel en tbs geëist voor zware mishandeling NS-conductrice

In hoger beroep een jaar cel en tbs geëist voor zware mishandeling NS-conductrice

19-05-2016

De advocaat-generaal in Amsterdam heeft in hoger beroep een jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging geëist tegen een 27-jarige man die in de nacht van 5 op 6 maart 2015 een hoofdconductrice van de NS ernstig heeft mishandeld. Het slachtoffer liep zwaar letsel op.

De rechtbank veroordeelde de verdachte conform de eis van de officier van justitie tot een jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging. De verdachte heeft tegen dat vonnis hoger beroep aangetekend.

Op 6 maart 2015 kwam de trein waarop de vrouw dienst deed om circa 00.38 uur aan in Hoofddorp, het eindstation van deze trein. Kort voor aankomst op het station zag de conductrice de verdachte in een eersteklascoupé zitten. Op het station zag zij dat de verdachte in de trein bleef zitten, ook nadat was omgeroepen dat iedereen de trein diende te verlaten. De conductrice heeft de verdachte vergeefs gevraagd uit te stappen. Vervolgens heeft zij zijn muts en tas gepakt en op een bankje op het perron gelegd. Zij heeft tevens aan de machinist gemeld, via de portofoon, dat één passagier de trein niet wilde verlaten. Een minuut later zag de uitstappende machinist de conductrice zwaargewond op het trapje van het achterste treinstel liggen.

De vrouw bleek ernstig toegetakeld: in het ziekenhuis werden breuken van het jukbeen, bovenkaak, neus geconstateerd. Haar oogkas was verbrijzeld. De verdachte werd om ongeveer half twee die nacht aangehouden op perron 3 van station Hoofddorp. Op zijn schoen werd bloed van het slachtoffer aangetroffen.

Verdachte heeft de zware mishandeling van de conductrice ontkend. Volgens het OM kan het niet anders dan dat hij degene is die de conductrice heeft mishandeld. Op het perron bevonden zich geen andere passagiers dan verdachte, verdachte had een reden om boos te zijn op het slachtoffer (omdat zij aan zijn spullen was gekomen) en verdachte had een bloedspoor van het slachtoffer op zijn schoen, waarvoor hij geen geloofwaardige verklaring heeft gegeven.

Gedragskundig onderzoek heeft onder meer een ziekelijke stoornis van de geestvermogens uitgewezen. Verdachte is volgens de deskundigen te behandelen, maar dit dient wel in een gesloten kader te geschieden.

Het slachtoffer heeft aan de mishandeling blijvend letsel overgehouden en is 14 maanden na het incident nog steeds niet aan het werk. Zij is geopereerd en moet nog minstens twee operaties ondergaan. ,,Dit feit heeft echter ook een grote maatschappelijke impact gehad’’, aldus de advocaat-generaal, ,,zoals blijkt uit alle media aandacht, acties van NS-medewerkers na de mishandeling en de aanwezigheid van een groot aantal NS-medewerkers tijdens de zitting in eerste aanleg. Het zijn dit soort feiten die zorgen voor gevoelens van onrust en onveiligheid in de maatschappij.’’

Geweld tegen personen met een publieke taak of andere beroepsbeoefenaars

Personen met een publieke taak of andere beroepsbeoefenaars moeten ongestoord hun maatschappelijk noodzakelijke en belangrijke werk kunnen uitvoeren. Helaas gebeurt het regelmatig dat medewerkers in de uitoefening van hun werk geconfronteerd worden met geweld. Het Openbaar Ministeriekomt op voor deze mensen als zij slachtoffer worden. Ook treedt het OM consequent en daadkrachtig op tegen verdachten van geweld tegen werknemers. Een strafeis komt tot stand door weging van de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het delict is gepleegd, en de persoon van de verdachte.

Uitspraak (naar verwachting) over twee weken.

Bron: OM