Vluchtelingen overheersend thema in publieke opinie

30-03-2016

Dit is de belangrijkste uitkomst van het eerste kwartaalbericht van 2016 over het Continu Onderzoek Burgerperspectieven (COB). Het SCP besteedt hierin aandacht aan de stemming in Nederland en opvattingen over politieke en maatschappelijke kwesties. Het kwartaalbericht wordt vandaag door de directeur van het SCP, Kim Putters, gepresenteerd aan alle aanwezigen van de jaarlijkse Ambassadeursconferentie, die het ministerie van Buitenlandse Zaken vandaag en morgen in Den Haag organiseert.

Overige uitkomsten van het onderzoek:

  • Minder positief over de richting die Nederland op gaat
  • Stemming over economie en politiek is stabiel
  • Optimisme over de eigen toekomst, somber over volgende generaties
  • Zorgen over decentralisaties zijn na een jaar niet verdwenen
  • Onverminderd steun voor referenda
  • Verlangen naar meer directe democratie vooral uit politieke onvrede

Vluchtelingencrisis: 65% bezorgd over immigratie en integratie

De onderzoekers vroegen mensen om in hun eigen woorden aan te geven waarover zij zich zorgen maken. 65% van de Nederlanders benoemde spontaan problemen op het gebied van immigratie en integratie. Vanaf eind 2014 namen de zorgen over immigratie en integratie langzaam toe; sinds oktober 2015 is immigratie verreweg het belangrijkste thema in de publieke opinie.

Mensen zijn ongerust over de grote toestroom van vluchtelingen en over de opvang. Sommigen vinden het onterecht dat er voor hen veel voorzieningen zijn, terwijl er de afgelopen jaren op veel andere zaken is bezuinigd. Een andere groep is bezorgd over de manier waarop Nederlanders met vluchtelingen omgaan en de maatschappelijke onrust die voortkomt uit de discussies over asielzoekerscentra.

Het aandeel Nederlanders dat vindt dat het met Nederland de goede kant op gaat, daalt van 31% in het vorige kwartaal naar 25% nu. 63% vindt het de verkeerde kant op gaan. De vluchtelingenkwestie wordt hierbij vaak aangehaald als reden.

De stemming over de economie is stabiel en positief. 71% geeft de Nederlandse economie een voldoende en 74% verwacht de komende twaalf maanden geen verslechtering. Het vertrouwen in de politiek is eveneens stabiel, maar laag. 48% heeft vertrouwen in de Tweede Kamer, 44% in de regering.

57% van de mensen zegt optimistisch te zijn over de eigen toekomst, 9% is dat niet. 52% vindt het moeilijk om hoopvol te zijn over de toekomst van de wereld. 66% is bang dat toekomstige generaties het slechter zullen krijgen. Het pessimisme over de toekomst is niet typerend voor dit moment. Ook in de jaren zeventig en tachtig was men somber over ‘de toekomst voor de mensen’.

Eén jaar na de decentralisaties van Rijksoverheidstaken naar de gemeentes, bijvoorbeeld op het gebied van zorg en huishoudelijke ondersteuning, maken Nederlanders zich nog steeds zorgen over deze ontwikkeling: 48% vindt dat er meer nadelen dan voordelen zijn; 14% ziet meer voordelen; 55% is van mening dat de decentralisaties vooral bedoeld zijn om te bezuinigen. Dat is dan meteen het meest genoemde probleem: ook mensen die de voordelen van decentraliseren (zoals maatwerk) inzien, vrezen verschraling. Op vragen over decentralisaties vullen veel mensen in het antwoord op de vraag niet te weten. Velen hebben er geen mening over of zelf geen ervaring mee; opvattingen over deze kwestie zijn niet los te zien van opvattingen over (veranderingen in de) gezondheids- en ouderenzorg in het algemeen.

Bron: SCP; foto: ANP