Volgens Donkers heeft het hogere risico te maken met het gedrag van verkeersdeelnemers dat door de corona-uitbraak is veranderd. Automobilisten rijden vaker te hard en er is meer recreantenverkeer, haalt Donkers uit het onderzoek dat VIA in samenwerking met de politie heeft gedaan.

"Er zijn veel minder slachtoffers dan normaal gevallen in de spitsuren doordeweeks, en juist meer in de middagperiodes in weekenden", aldus Donkers. "Het aantal fietsende kinderen onder de 10 jaar dat slachtoffer is geworden, is gestegen. Nu zij niet meer naar school hoeven zitten zij vaker op de fiets. Het aantal fietsdoden en -gewonden tussen de 10 en 20 is juist enorm gedaald. Deze groep hoeft nu juist niet meer tijdens de spits naar school te fietsen."

Buitengebieden

Andere groepen die vaker slachtoffer van een verkeersongeluk worden zijn jonge automobilisten ("zij kunnen soms nog niet omgaan met de nieuwe verkeerssituatie"), bestuurders van bestelbussen ("er wordt meer besteld en online gewinkeld"), fietsende veertigers en fietsende ouderen, en motorrijders. De grootste kans op ongelukken is volgens Donkers in de buitengebieden. "Er is bijvoorbeeld een grotere toename te zien in Gelderland en Limburg."

Donkers zegt met name te zijn verrast door de constatering dat het aantal verkeersslachtoffers in week 17 (tussen 20 en 26 april) alweer gelijk lag met het 'normale' niveau van voor corona.

Doel van het onderzoek was volgens Donkers om uit te zoeken of automobilisten harder rijden bij lege straten en wegen. Hoewel politiecijfers uitwijzen dat er meer aanhoudingen dan normaal hebben plaatsgevonden voor hardrijden, bleef die vraag liggen voor een vervolgonderzoek.